Beschrijving
Laurabolin 25 mg/ml oplossing voor injectie (hond)
Bekijk de meest actuele productinformatie op de officiële website van de Europese Unie: medicines.health.europa.eu – Laurabolin 25 mg/ml oplossing voor injectie (hond)
De onderstaande SPC-tekst was op 18-09-2026 de meest recente versie. Via bovenstaande link kunt u zelf nagaan of er een recentere versie beschikbaar is.
Samenvatting van de Productkenmerken (SPC)
1. Naam van het diergeneesmiddel
Laurabolin 25 mg/ml oplossing voor injectie.
2. Kwalitatieve en kwantitatieve samenstelling
Per ml:
Werkzaam bestanddeel:
Nandrolone laurinate 25 mg
Zie rubriek 6.1 voor de volledige lijst van hulpstoffen.
3. Farmaceutische vorm
Oplossing voor injectie.
4. Klinische gegevens
4.1 Doeldiersoort(en)
Honden.
4.2 Indicatie(s) voor gebruik met specificatie van de doeldiersoort(en)
Te gebruiken in die omstandigheden waarin een anabolische therapie beschouwd wordt als zijnde voordelig voor de hond, bv. bij zwakte, gewichtsverlies en verminderde eetlust bij oudere honden, in geval van uitgestelde genezing, bv. als onderbouwende therapie bij orthopedische aandoeningen.
4.3 Contra-indicaties
Niet gebruiken bij prostaathypertrofie of neoplasie.
Het gebruik is tegenaangewezen tijdens de dracht, bij fokdieren of jonge dieren.
Niet gebruiken bij dieren met hypercalciëmie.
Niet gebruiken bij dieren met androgene afhankelijke tumoren.
Niet gebruiken bij overgevoeligheid voor het werkzame bestanddeel of één van de hulpstoffen.
4.4 Speciale waarschuwingen voor elke diersoort waarvoor het diergeneesmiddel bestemd is
Nandrolone kan een effect hebben op de water/electrolytenbalans (Na, CL, K, Ca, P). Dient met omzichtigheid gebruikt te worden in geval van gekende leverbeschadiging.
4.5 Speciale voorzorgsmaatregelen bij gebruik
Speciale voorzorgsmaatregelen voor gebruik bij dieren:
Niet van toepassing.
Speciale voorzorgsmaatregelen te nemen door de persoon die het diergeneesmiddel aan de dieren toedient:
In geval van accidentele zelfinjectie kunnen voorbijgaande pijnlijke lokale reacties optreden. Voorkom accidentele zelfinjectie. In geval van accidentele zelfinjectie, dient onmiddellijk een arts te worden geraadpleegd en de bijsluiter of het etiket te worden getoond.
Dit diergeneesmiddel bevat benzylalcohol en kan huidirritatie veroorzaken. Vermijd aanraking met de huid. Bij aanraking met de huid met water en zeep wassen. Raadpleeg een arts als de irritatie aanhoudt. Was de handen na gebruik.
Het diergeneesmiddel kan oogirritatie veroorzaken. Vermijd contact met de ogen. Als het diergeneesmiddel in contact komt met de ogen, spoel de ogen dan onmiddellijk met veel water en roep medische hulp in als de irritatie aanhoudt.
Virilisatie van de foetus kan optreden als zwangere vrouwen aan het diergeneesmiddel worden blootgesteld. Daarom mag het diergeneesmiddel niet worden toegediend door zwangere vrouwen of vrouwen die proberen zwanger te worden.
Personen met een bekende overgevoeligheid voor nandrolone of een van de hulpstoffen moeten contact met het diergeneesmiddel vermijden.
4.6 Bijwerkingen (frequentie en ernst)
Langdurig gebruik kan tot gedragsverandering leiden in zeer zeldzame gevallen. Dit is omkeerbaar na stopzetting van de behandeling. Androgene bijwerkingen kunnen in zeer zeldzame gevallen worden waargenomen bij dieren die met het diergeneesmiddel worden behandeld, met name bij vrouwelijke dieren.
De frequentie van bijwerkingen wordt als volgt gedefinieerd:
– Zeer vaak (meer dan 1 op de 10 behandelde dieren vertonen bijwerking(en))
– Vaak (meer dan 1 maar minder dan 10 van de 100 behandelde dieren)
– Soms (meer dan 1 maar minder dan 10 van de 1.000 behandelde dieren)
– Zelden (meer dan 1 maar minder dan 10 van de 10.000 behandelde dieren)
– Zeer zelden (minder dan 1 van de 10.000 behandelde dieren, inclusief geïsoleerde rapporten).
4.7 Gebruik tijdens dracht, lactatie of leg
Gebruik wordt afgeraden tijdens de dracht. Het is niet gekend of er uitscheiding is via de melk.
4.8 Interactie met andere geneesmiddelen en andere vormen van interactie
Er is geen informatie beschikbaar over het gelijktijdige gebruik met anticoagulantia bij honden. Bij mensen kunnen anabole steroïden de effecten van anticoagulantia versterken.
Van steroïden is bekend dat ze de insulinegevoeligheid veranderen. Diabetische dieren dienen zorgvuldig gecontroleerd te worden en een aanpassing van de insulinedosis kan nodig zijn.
4.9 Dosering en toedieningsweg
Dosis: 1 mg per kg lichaamsgewicht tot een maximale dosis van 25 mg per behandeling.
Toediening: Subcutaan (SC) of Intramusculair (IM) gebruik.
Bij chronische aandoeningen of tijdens een langdurige herstelperiode mag de behandeling herhaald worden met een interval van 3 tot 4 weken.
4.10 Overdosering (symptomen, procedures in noodgevallen, antidota), indien noodzakelijk
Langdurige toediening of overdosering kan aanleiding geven tot verhoogde androgene activiteit. Androgenische neveneffecten kunnen waargenomen worden bij dieren behandeld met het diergeneesmiddel, in het bijzonder bij vrouwelijke dieren.
4.11 Wachttijd(en)
Niet van toepassing.
5. Farmacologische eigenschappen
Farmacotherapeutische groep: Anabole steroïden
ATCvet-code: QA14AB01
5.1 Farmacodynamische eigenschappen
Het diergeneesmiddel is een langwerkend steroïd met een sterk eiwit besparend karakter en een zwakke androgene werking. Hierdoor kan het toegediend worden aan zowel het mannelijk als het vrouwelijk dier.
Het diergeneesmiddel is in staat het stikstofverlies dat optreedt bij koorts, chronische aandoeningen, stress en traumata te beperken.
Een negatieve stikstofbalans, die zich manifesteert wanneer een dier in slechte omstandigheden komt te verkeren, wordt onder invloed van het diergeneesmiddel snel positief, waarbij verstrekking van een uitgebalanceerd dieet met volwaardig eiwit noodzakelijk is.
Het diergeneesmiddel heeft een opmerkelijk toniserend effect en bevordert in sterke mate de eetlust. Het is dan ook in staat de reconvalescentieperiode na uitputtende ziektetoestanden aanmerkelijk in te korten.
5.2 Farmacokinetische eigenschappen
Na IM-toediening worden binnen 24 uur actieve bloedspiegels verkregen die 3 à 4 weken kunnen aanhouden.
Nulwaarden worden bereikt na 60-70 dagen.
6. Farmaceutische gegevens
6.1 Lijst van hulpstoffen
Alcoh. benzyl.
Ol. arachid. q.s. ad 1 ml
6.2 Belangrijke onverenigbaarheden
Geen bekend.
6.3 Houdbaarheidstermijn
Houdbaarheid van het diergeneesmiddel in de verkoopverpakking: 3 jaar.
Houdbaarheid na eerste opening van de container: 28 dagen.
6.4 Speciale voorzorgsmaatregelen bij bewaren
Bewaren beneden 25°C.
Bescherm tegen licht.
6.5 Aard en samenstelling van de primaire verpakking
1 flacon (Glastype I, Ph. Eur.) van 5 ml of 10 ml met 25 mg/ml Nandrolon. Laurinate afgesloten met halogeenlbutyl rubberen stop met aluminium afsluitring.
Het kan voorkomen dat niet alle verpakkingsgrootten in de handel worden gebracht.
6.6 Speciale voorzorgsmaatregelen voor het verwijderen van niet-gebruikte diergeneesmiddelen of afvalmateriaal voortkomend uit het gebruik van het diergeneesmiddel
Ongebruikte diergeneesmiddelen of restanten hiervan dienen in overeenstemming met de lokale vereisten te worden verwijderd.
7. Naam van de houder van de vergunning voor het in de handel brengen
Intervet International B.V.
Wim de Körverstraat 35
5831 AN Boxmeer
Nederland
8. Nummer(s) van de vergunning(en) voor het in de handel brengen
BE-V011891
9. Datum eerste vergunningverlening/verlenging van de vergunning
Datum van eerste verlening van de vergunning: 15 mei 1964
Datum van laatste hernieuwing: 14 oktober 2014
10. Datum van herziening van de tekst
05/12/2023
Kanalisatie: Op diergeneeskundig voorschrift.







